Een bakkie soep met Peter

Een bakje soep met….

In deze serie maak je kennis met de mensen achter De Haagse Soepbus. De vrijwilligers, de leveranciers en de vertegenwoordigers van organisaties waar we mee samenwerken. In deze aflevering chauffeur én chef-kok Peter Batelaan.

Normaal gesproken begint deze rubriek met de vraag wat de favoriete soep van de hoofdpersoon is. Die vraag komt ook zeker aan bod, maar dit was een beetje een merkwaardige dag. Niet voor Peter, die laat zich niet gek maken en blijft de rust zelve. Nu ben ik (Alan) meestal ook redelijk flegmatiek. Ook als ik, net zoals alle bestuursleden van de Soepbus, per toerbeurt de Achterwacht heb. Nu is er ook nooit zoveel om je druk over te maken als je de Achterwacht hebt, en dat is vooral een groot compliment aan de vrijwilligers van de Soepbus! Zij zorgen ervoor dat alles op rolletjes loopt, meestal dan.

Deze vrijdag zat ik rustig te werken en leek er helemaal niks aan de hand, de dag ervoor had ik het rooster nog bekeken en gezien dat Peter als chauffeur stond ingeroosterd en Huco als bijrijder. Huco! Onze onvolprezen coördinator als bijrijder! Dit was wel een heel erg twee vingers in de neus Achterwacht dagje. Dacht ik. Tot de telefoon ging en ik de portier van de De la Reyweg aan de lijn had die mij weer doorverbond met iemand van de Noodopvang. Terwijl ik me nog zat af te vragen wat iemand van de Noodopvang met mij moest, hoorde ik de vriendelijke stem van een medewerker van de Noodopvang zeggen dat zijn twee collega’s die vandaag op de Soepbus zouden rijden niet zouden komen. De een was ziek naar huis gegaan en die had bij het aantrekken van haar jas gezegd dat de andere ook niet zou komen. Ik keek op de klok en zag dat het half 4 was, over twee uur zou de shift van de Soepbus beginnen. Hoewel ik geen bal van het hele verhaal begreep begon er toch iets van stress te ontstaan. Vooral omdat ik me opeens realiseerde dat Huco helemaal niet in Den Haag was, die stond ergens op een golfbaan in Zeeland. Dat had ik de dag daarvoor natuurlijk ook kunnen bedenken.

Van de erg rustgevende situatie dat er een betrouwbare chauffeur en bijrijder stonden ingeroosterd werd ik opeens via een telefoontje van iemand die ik helemaal niet kende geconfronteerd met twee mensen (in mijn perceptie een chauffeur en een bijrijder) die helemaal niet zouden komen. Twee uur voor de shift begon! Er begon iets als stress op te komen. Wat ik helemaal niet begreep is waarom Peter, een vrijwilliger van de Soepbus, zich via de Noodopvang ging afmelden, en dan ook nog via via. En waarom stond Huco uitgerekend vandaag op een golfbaan. Nota bene in Zeeland.

Toch lichtelijk nerveus pakte ik mijn telefoon om Huco een appje te sturen en Peter te bellen. Tring, tring. Hallo met Peter? Heb jij je via de Noodopvang afgemeld als chauffeur voor vandaag? “Nee hoor, waarom zou ik zoiets doen?? Ik ga straks die kant op, relaxed de bus inladen.” Mijn hartslag begon weer wat normaler te worden, er was een chauffeur! Bovendien een chauffeur die wel heel kalm en rustig klonk. Dat gaf de burger, of in dit geval de Achterwacht, weer moed. Razendsnel verstuurde ik een noodoproep voor een bijrijder. Desnoods kwam die om 7 uur op de Koekamp, dan zou ik Peter wel helpen met broodjes smeren. Ondertussen ging de telefoon weer, Huco aan de lijn. Ja, er zouden vandaag twee mensen van de Noodopvang mee gaan als bijrijder, die heb ik onder mijn eigen naam in Het Rooster gezet. Komen ze niet?

Het werd alweer een beetje duidelijker. Terwijl Huco ergens tussen hole 11 en 12 begon te mailen met de betreffende medewerkers van de Noodopvang ging mijn telefoon weer. Weer de portier die me weer doorverbond met dezelfde vriendelijke medewerker. “Hey Alan, ik lees net Huco zijn mailtje over mijn twee collega’s en ik begrijp dat dit wel heel vervelend voor jullie is. We gaan ons best doen om twee andere mensen mee te laten gaan, maar is het erg als die pas vanaf half 7 komen?” Nee joh, geweldig! Gerust vertrek ik van huis richting de Soepbus om Peter te helpen met de broodjes. Er zijn bijrijders, er is een chauffeur. Het leven is mooi!  Halverwege onderweg gaat weer mijn telefoon. “Hoi Alan, met Jeroen. Ik lees je noodoproep net, maak je niet druk! Ik zet even een lasagne in de oven en dan kom ik naar de Soepbus.” Met een grote glimlach tuf ik verder. De Soepbus takes care of it’s own, we hebben echt geweldige vrijwilligers! Straks even bij de Noodopvang melden dat hun hulp, hoewel gewaardeerd, niet meer nodig is. Ondertussen ben ik bij de keuken van de Soepbus.

Hoi Peter! Ik ben Alan en ik kom je helpen met broodjes…. Verbaasd kijk ik om me heen. Ik heb zelf de nodige horeca-ervaring en je voelt het wanneer in een keuken alles onder controle is. Je ziet het ook wanneer iemand ervaring heeft, die staat rustig stil terwijl zijn (of haar) handen wel continu in beweging zijn. De soep staat vreedzaam op het fornuis te pruttelen terwijl Peter me aankijkt en geroutineerd de laatste broodjes in een zakje doet en in het krat legt. “Dag Alan, waarom kom je helpen? Ik zei je toch dat ik relaxed de bus in ging laden.” Ik kijk nog eens om me heen en begin te lachen. Jij hebt dit wel vaker gedaan volgens mij.

Peter begint ook te lachen. ‘Nou, het inladen van de Soepbus heb ik nog niet zo heel vaak gedaan want ik ben nog maar een klein jaar vrijwilliger maar het scheelt wel dat ik al ruim dertig jaar chef-kok ben en ook mijn eigen restaurants en een koksopleiding heb gehad. Bovendien heb ik het geluk en genoegen gehad om bij een aantal echt gerenommeerde chefs achter de kachel te mogen staan en dan leer je vanzelf efficiënt werken.” Ik besef me opeens dat ik me helemaal geen zorgen had hoeven maken. Peter draait hier inderdaad zijn hand niet voor om.

Ik kan het niet nalaten te vragen: Hoe ben jij bij de Soepbus terecht gekomen?

“Ik ben al mijn hele werkende leven actief als kok en dat is keihard werken, ik heb ook veel collega’s zichzelf zien opbranden en daarom wilde ik het op een gegeven moment bewust wat rustiger aan doen. Ik heb nu een cateringbedrijf vanuit huis en doe alleen leuke klussen, dus een Chef’s Table verzorgen bij mensen thuis of een mooie catering opdracht aannemen. Omdat ik het ook belangrijk vind om iets voor andere mensen te doen heb ik me gemeld als vrijwilliger bij de Soepbus. Ik vind het mooi en nuttig werk wat we hier doen en soms kan ik even extra helpen. Laatst was bijvoorbeeld de Participatiekeuken dicht en dan is zo’n professionele keuken aan huis natuurlijk wel heel erg handig. Dus toen heb ik tachtig liter soep gemaakt, konden we weer even vooruit.”

En wat is je eigen favoriete soep?

Dat is wel een goed verhaal. Mijn favoriete soep is een Franse vissoep, bourridde. Het lijkt op een bouillabaisse maar is toch net even anders. Bourridde wordt gebonden met rouille zodat het lekker romig wordt. Ik heb het leren maken in een van de sterrenzaken waar ik tijdens mijn opleiding werkte, maar had het nog nooit echt in Frankrijk gegeten. Tot ik een keer met mijn dochter in de Provence in een restaurantje kwam waar we het op de kaart zagen staan. We bestelden het en al bij de eerste hap zei mijn dochter; hey papa, deze smaakt precies zoals die van jou! Dat was een mooi moment, blijkbaar had ik het al die jaren goed gedaan.”

Uh…roeien?

“Rouille! Een typische saus uit de Provence. Het betekent roest in het Frans en de saus is vernoemd naar zijn karakteristieke roestachtige kleur. Die wordt weer veroorzaakt door de saffraan en de cayennepeper die erin zit. Dit stukje gaat echt te lang worden als ik alle ingrediënten en de bereidingswijze moet opnoemen, maar het is een heerlijke saus, die echt in de bourridde hoort.”

Het water loopt me in de mond, ga je ook eens Bourridde voor de Soepbus maken?

“Haha, ik ben bang dat de penningmeester zich dan in de soep zal verslikken!”